Outrageous Predictions
België legt strategische cacaovoorraad aan in Grote Choco Kluis (GCK)
Ole Hansen
Hoofd Grondstoffenstrategie
Terwijl Spanje met de wereldbeker naar huis trok, mocht ook AB InBev tevreden terugblikken op het WK. Het voetbalfestijn gaf de bierverkoop in belangrijke markten een extra duw en hielp de brouwer aan een sterker dan verwacht kwartaal. Het BEL 20-zwaargewicht verkocht opnieuw meer bier, liet de omzet en bedrijfswinst met ruim 5% groeien en zag de onderliggende winst per aandeel met bijna een kwart stijgen.
Hogere prijzen blijven een belangrijke groeimotor, maar dit keer gaan ze samen met positieve volumegroei. Dat maakt het totaalbeeld duidelijk sterker dan de omzetgroei alleen doet vermoeden.
In het tweede kwartaal verkocht AB InBev 144 miljoen hectoliter drank, 0,9% meer dan een jaar eerder. Het biervolume steeg met 1,1%. De gerapporteerde omzet nam dankzij gunstige wisselkoersen met 11% toe tot 16,66 miljard dollar. Organisch, dus zonder wisselkoerseffecten, bedroeg de groei 5,6%.
De genormaliseerde EBITDA steeg organisch met 5,8% tot 5,94 miljard dollar en de onderliggende winst per aandeel klom met 23,4% tot 1,21 dollar. Bij constante wisselkoersen bleef een winstgroei per aandeel van 12,9% over.
De omzet groeide vooral door prijsverhogingen en de verkoop van duurdere merken, al was de volumestijging van 0,9% hoger dan wat analisten verwachtten. Daardoor verdiende AB InBev per verkocht bier 4,2% meer dan een jaar geleden. Sterke merken als Corona en Stella Artois maken zulke prijsstijgingen mogelijk zonder veel klanten te verliezen.
Op langere termijn blijft een evenwicht tussen prijs en volume wel belangrijk. Prijzen kunnen niet onbeperkt worden verhoogd en in volwassen biermarkten staat de consumptie structureel onder druk.
De groei werd vooral gedragen door markten in Noord- en Zuid-Amerika. De Verenigde Staten, Mexico en Canada profiteerden bovendien van het WK voetbal, dat in juni en juli op die drie belangrijke afzetmarkten plaatsvond. Ook Brazilië en Colombia bleven sterk presteren.
Daarbovenop groeiden wereldmerken als Corona, Stella Artois en Michelob Ultra verder, terwijl alcoholvrij bier en andere drankcategorieën nieuwe groeimogelijkheden bieden.
Azië-Pacific blijft achter: de omzet daalde er met 2,8% en de EBITDA met 10,9%. In China zakte het volume zelfs met 9,7%. Het management wijst op uitzonderlijk slecht weer, maar ook op een zwakkere horeca. Regenwolken trekken vanzelf over. Een consument die minder vaak op café gaat, is voor een brouwer een moeilijker probleem. Dankzij de sterke groei in Amerika blijft de impact op de groep voorlopig beperkt.
Hoewel de nettoschuld licht opliep van 60,9 naar 64,2 miljard dollar, daalde de verhouding tussen nettoschuld en EBITDA van 3,27 naar 2,86. Daardoor wordt de schuldenlast relatief beter beheersbaar.
AB InBev genereert meer cash en kan zo schulden afbouwen én geld teruggeven aan aandeelhouders. Het dividendrendement bedraagt ongeveer 1,6% en de aandeleninkoop nog eens 1,5%. Samen levert dat een totaal aandeelhoudersrendement van ongeveer 3,1% op.
Het management wil vooral aantonen dat de volumegroei geen eenmalige opstoot is. Jarenlang kwam de groei vooral van hogere prijzen, terwijl de verkochte volumes onder druk stonden. Nu de volumes opnieuw stijgen, verschuift de aandacht naar de vraag of AB InBev die trend kan vasthouden wanneer het WK-effect verdwijnt.
CEO Michel Doukeris houdt vast aan zijn verwachting van 4% tot 8% organische EBITDA-groei in 2026. Dat wijst op vertrouwen in de combinatie van sterke merken, verdere premiumisering en groei in categorieën zoals alcoholvrij bier.
Voor beleggers is vooral belangrijk dat de winstgroei op termijn niet uitsluitend afhankelijk blijft van prijsverhogingen.
AB InBev staat er sterker voor dan enkele jaren geleden. De volumes groeien opnieuw, de schuldgraad daalt en de kasstroom blijft sterk. Daardoor verschuift de discussie voor beleggers van schuldafbouw naar duurzame groei.
De belangrijkste vraag is of de volumegroei standhoudt zodra het WK-effect verdwijnt. Daarnaast verdienen hogere kosten aandacht. Nieuwe inflatie kan grondstoffen, energie, transport en verpakkingen duurder maken. Vooral aluminium werd duurder door de spanningen rond Iran, wat de kostprijs van blikjes kan verhogen.
China blijft een aandachtspunt, maar vormt voorlopig geen bedreiging voor het groepsverhaal. Na de sterke koersstijging van dit jaar ligt de lat wel hoger. Beleggers zullen daarom vooral kijken naar drie signalen: blijven de volumes groeien, houdt de marge stand en blijft er voldoende cash over voor schuldafbouw, dividend en aandeleninkopen?