Financiële woordenlijst - M t/m P

De Financiële woordenlijst is ontwikkeld om snel toegang te bieden tot definities voor termen en concepten die worden gebruikt in de valutahandel en geld-, aandelen-, grondstoffen- en obligatiemarkten.

M

Marge

De hoeveelheid vermogen (onderpand) die is vereist voor een beleggingspositie, als een percentage van de huidige waarde.
Bij margehandel (ook wel gearing of hefboomwerking genoemd) hoeft u slechts een fractie te storten van de huidige waarde van het instrument waarin u belegt.
Als de grondstoffen waarin u handelt bijvoorbeeld een marge vereisen van 5%, kunt u de hefboomwerking (of gear) tot 20 keer toepassen op uw belegging. Met andere woorden: met een storting van USD 10.000 kunt u een positie aanhouden van USD 200.000.

Margin call

Wanneer u de toegestane operationele marge hebt overschreden, kan een margin call voor u worden geplaatst om de situatie te verhelpen.

Om te voorkomen dat uw posities voor u worden gesloten (stop-out), moet u open posities sluiten of reduceren of aanvullende middelen storten om uw posities te dekken.

Margestorting

Middelen waarover een trader moet beschikken in een margerekening en die een percentage van de huidige marktwaarde vormen van de effecten die de trader bezit.

Verkopers van opties moeten naast de optiepremie over aanvullende middelen op hun rekeningen beschikken, als bescherming tegen eventuele verliezen die worden veroorzaakt doordat de markt zich negatief ontwikkelt voor de optiepositie.

De vereiste marge varieert afhankelijk van het optietype en of de verkoper ook een positie heeft in de onderliggende waarde.

Voor meer informatie over handelsvoorwaarden bij Saxo Bank gaat u naar het rekeningoverzicht op uw clientstation en opent u het gedeelte Voorwaarden rechtsboven in het rekeningoverzicht.

Marge benutting

Het percentage van de beschikbare marge dat u al benut.

Marketmaker

Een erkende instelling of persoon die handelt in bepaalde effecten op het moment dat een trader wil kopen of verkopen. Het motief voor de marketmaker om te kopen of verkopen is te allen tijde de spread, of het verschil, tussen de bied- en de laatprijs.

Bestensorder

Een order voor het kopen of verkopen van het aangegeven instrument wordt zo snel mogelijk uitgevoerd tegen de beschikbare marktprijs.

Middenkoers

De middenkoers ligt halverwege de bied- en de laatprijs. Als de biedprijs bijvoorbeeld 1,4426 is en de laatprijs 1,4430, is de middenkoers 1,4428.

Module

Een functionele component van het platform zoals de modules openstaande orders, grafieken, enzovoort. Modules worden geopend via de menubalk.

Technische studie MACD (Moving Average Convergence/Divergence)

Een trendindicatordiagram dat de relatie volgt tussen twee voortschrijdende prijsgemiddelden (gewoonlijk een 26- en 12-daags gemiddelde). Hierboven wordt een 9-daags gemiddelde van de MACD-lijn weergegeven als controle- of signaallijn. Op de verbindingspunten met de MACD-lijn geeft de signaallijn mogelijk koop- en verkoopmogelijkheden aan.

N

Netto-exposure

De netto-exposure is de som van de nominale waarde van uw huidige posities omgerekend naar de basisvaluta van uw rekening.

Voor Forex is dit de totale waarde van al uw Forex-posities omgerekend naar de basisvaluta van uw rekening.

Niet-margepositie

De huidige marktwaarde van effecten (bijvoorbeeld aandelen, obligaties, enzovoort) die als onderpand voor margevereisten worden gebruikt. De marktwaarde wordt berekend aan de hand van de biedprijs.

Niet beschikbaar als margeonderpand

Een percentage van uw huidige beleggingen dat niet beschikbaar is als margeonderpand. Deze regel geeft het bedrag aan dat niet beschikbaar is als margeonderpand.

O

Laatprijs

De prijs waarvoor u het aangegeven instrument kunt kopen.

Bij Forex-beleggingen is dit de prijs waartegen u de handels-/basisvaluta (eerst vermeld) kunt aanschaffen door de prijsvaluta van het paar te verkopen.

Als u bijvoorbeeld EURUSD 100.000 koopt, koopt u EUR 100.000 tegen Amerikaanse dollars.

One-cancels-other-order (O.C.O.)

Een One-cancels-other-order (OCO) bestaat uit twee orders. Als een van de orders wordt uitgevoerd omdat aan de marktvoorwaarden wordt voldaan, wordt de gerelateerde order automatisch geannuleerd.

Open positie

Een positie in een valuta die nog niet is gecompenseerd.

Als u bijvoorbeeld USDJPY 100.000 hebt gekocht, hebt u een open positie in USDJPY totdat u deze compenseert door USDJPY 100.000 te verkopen.

Optie

Een optie geeft de koper (houder) het recht maar niet de verplichting om een bepaalde hoeveelheid van de onderliggende asset tegen een bepaalde prijs (uitoefenprijs) voor een bepaalde periode te kopen (bij een calloptie) of te verkopen (bij een putoptie).

Order

Een transactieorder voor aan- of verkoop van het aangegeven instrument. Limiet- en stoporders zijn de belangrijkste soorten.

Orderduur

De looptijd voor de order. Zie Dagorder (DO) en Good till Cancelled (GTC) voor meer informatie.

Overig onderpand

Instrumenten die niet online verhandelbaar zijn. Voorbeelden zijn obligaties en andere posities die worden overgedragen vanuit een andere bank.

Out-of-the-money (OTM)

Een calloptie is out-of-the-money wanneer de marktprijs van de onderliggende waarde onder de uitoefenprijs ligt. Een putoptie is out-of-the-money wanneer de uitoefenprijs onder de marktprijs van de onderliggende waarde ligt.

Outstrike

Een bepaald prijsniveau waarbij de optie onmiddellijk ongeldig wordt, als dit tijdens de levensduur van een optie wordt bereikt.

Over-the-counter (OTC)

Een transactie tussen twee partijen zonder tussenkomst van een beurs.

Effecten die niet op een beurs worden verhandeld worden bijvoorbeeld OTC-effecten genoemd. Op deze markt worden grondstoffen en instrumenten rechtstreeks tussen twee partijen verhandeld, bijvoorbeeld tussen een investeringsbank en een klant.

Dit is niet hetzelfde als beleggen via een openbare beurs, die een open marktplaats is.

Over-the-counter-producten kunnen worden aangepast aan individuele klanten terwijl beurzen werken met gestandaardiseerde contracten.

Er is een grote over-the-counter-markt ontstaan voor bijvoorbeeld Forex en Forex-opties.

P

PIP

Pip staat voor 'percentage in point', het laatste cijfer achter de komma bij prijzen voor valutaparen.

De meeste valutaparen worden aangegeven met vier cijfers achter de komma. Een verandering van 1,1850 naar 1,1851 voor een valutapaar is dus één pip.

Voor een specifieke positie kunt u de waarde van één pip berekenen met de bovenstaande formule.

Als u bijvoorbeeld weet dat EUR/USD wordt aangegeven met vier decimalen, kunt u voor een bepaalde positie het positiebedrag vermenigvuldigen met de waarde van één pip, of USD 0,0001.

Dus bij een contract voor EUR/USD 100.000 is één pip gelijk aan USD 10. Voor een contract van USD/JPY 100.000 is één pip gelijk aan JPY 1000 omdat USD/JPY met slechts twee decimalen wordt aangegeven (één pip = JPY 0,01).

Portefeuille

Een beleggingsportefeuille is het totale bezit aan financiële instrumenten, zoals aandelen van een bedrijf, vastrentende effecten of geldmarktinstrumenten.

Om het risico te minimaliseren moet een beleggingsportefeuille bestaan uit een reeks beleggingen met relatief weinig onderlinge samenhang of correlatie. Brokers en beleggingsadviseurs waarschuwen om niet alles op één kaart te zetten.

Positie

Een belegging in een instrument.

Als u bijvoorbeeld handelt in USDJPY (bijvoorbeeld koopt), opent u een positie in USDJPY.

Als u vervolgens de tegenovergestelde transactie uitvoert (in dit geval verkoopt), sluit u de USDJPY-positie.

Positie kan ook verwijzen naar het saldo van de trader in contanten/effecten/valuta, of hij of zij te weinig contanten heeft, geld over heeft om uit te lenen, of een valuta 'overbought' (overgekocht) dan wel 'oversold' (oververkocht) is, enzovoort.

Boekingsdatum

De datum waarop een transactie als tegoed of schuld op uw rekening wordt geboekt.

Premie

De optieprijs die het resultaat is van het afstemmen van koop- en verkooporders die op de markt zijn ingediend.

Koers-winstverhouding

De koers-winstverhouding is de koers van het aandeel gedeeld door de opbrengst per aandeel.

Primaire order

De primaire order van een order met drie niveaus of een Indien gereed contingente order. Gerelateerde (secundaire) orders worden geen actieve bestensorders tenzij deze order wordt uitgevoerd.

Winst nemen

Een positie sluiten om de winst te nemen. Gebeurt gewoonlijk met een limietorder voor het sluiten van een positie en het automatisch nemen van de winst wanneer de markt een gedefinieerd niveau doorbreekt.

Proxy

Een proxy is een apparaat dat tussen een computer en internet in staat.

Proxy's hebben vaak een ingebouwde cache om het surfen op internet te versnellen en sommige proxy's maken het mogelijk om de webinhoud te filteren ten behoeve van de beveiliging.

Put

Een optiecontract dat de koper het recht geeft om de onderliggende asset te verkopen tegen de overeengekomen uitoefenprijs. Een put verplicht de verkoper om de onderliggende waarde te kopen tegen de overeengekomen uitoefenprijs als de opdracht daarop is gebaseerd.

Uw browser kan deze website niet correct weergeven.

En op desktop IE 10 of nieuwer. Als u gebruik maakt van een ouder systeem of de browser, kan de website er vreemd uitzien. Om uw ervaring op onze site te verbeteren, werk aub uw browser of systeem bij.